Hoe krijgen we rust in de rustruimte?

Twee geluidsexperts aan het woord over ‘stilte’ en het belang van integraal ontwerp van prikkelarme ruimtes

Door Jan Bril en Mark van Exter

Publieke ruimtes van een theater, museum of podium klaarstomen voor prikkelarme ontvangsten is precisiewerk. Vandaar dat Onbeperkt Genieten culturele instellingen leert hoe ze met andere ogen naar hun locatie kunnen kijken. Een van de aandachtspunten daarbij is of een pand over een geschikte rustruimte beschikt voor bezoekers aan het prikkelarme aanbod. Een aparte ruimte waar bezoekers worden ontvangen, kunnen bijkomen en waar het stil is. Want minder geluid betekent minder prikkels. Maar ja, geen locatie is hetzelfde en niet iedere rustruimte is stil te maken. In dit artikel leggen geluidsexperts Jan Bril (Auditum) en Mark van Exter (TeamGeluid) uit dat een ‘natuurkundig stille’ rustruimte niet het doel moet zijn. Daarnaast maken ze duidelijk waarom prikkelarme rustruimtes in nieuwbouw situaties creëren efficiënter is ten opzichte van bestaande bouw… zeker als er integraal wordt afgestemd met alle betrokken partijen.

Wat is stilte?
Laten we beginnen met het begrip stilte. Er zijn boeken vol geschreven met de vraag wat stilte is, hoe je dat omschrijft en wanneer je het ervaart. Een geruststellende gedachte alvast: wij zijn van mening dat een prikkelarme ruimte niet per definitie stil moet zijn, maar de zintuigen tot rust moet brengen. Dat is heel wat anders. Stilte is namelijk een bijzonder fenomeen. Als we het hebben over geluidssterkte, dan drukken we dit uit in decibels (dB’s). Wat we meten in decibels kan feitelijk gezien worden als een puntentelling die is afgestemd op het menselijk gehoor.

Daarbij is 0 dB de drempelwaarde van het menselijk gehoor. Voor een gezond en jong persoon wel te verstaan. Bij 0 dB is het te stil, onnatuurlijk ‘natuurkundig stil’. Dat is nergens voor nodig, een stilteruimte mag best wat geluid bevatten, zolang de rust bewaard blijft en het geluid in balans is. We zullen bij een culturele instelling dan ook nooit een rustruimte bouwen met een geluidssterkte van 0 dB.

Maatwerk
Wat wij aan de start van bijvoorbeeld een rustruimte project doen is eerst goed kijken naar de situatie en luisteren naar de andere betrokken partijen. In een programma van eisen (PvE) definiëren we wat de belangen en eisen van de betrokken partijen zijn, zoals bijvoorbeeld hoe de ruimte eruit moet komen te zien en waar de ruimte voor wordt gebruikt. En wat niet minder belangrijk is: hebben we te maken met een bestaand pand of moet er nog gebouwd worden? In het PvE omschrijven we dan vervolgens heel precies de geluidswaarden die relevant en zinvol zijn voor de specifieke locatie en omstandigheden. Kortom: het is altijd maatwerk. Dat het bij ons techneuten flink gaat jeuken als wij horen dat ‘de ruimte stil moet zijn’ zal je ondertussen niet verbazen. Dus vanaf nu hebben we het alleen nog over een geluidsarme rustruimte.

Nieuwbouw of bestaande situatie
Als je een bestaande ruimte achteraf geluidsarm wilt maken ben je gebonden aan de keuzes die in het verleden zijn gemaakt. En die zijn niet altijd gunstig voor een prikkelarme rustruimte. Het komt bijvoorbeeld voor dat het verkeersgeluid in een ruimte met dunne wanden niet is tegen te houden. Of dat er stemgeluid uit andere zalen doordringt. Deze grote muuroppervlakken hebben dan bouwkundige aanpassingen nodig om de geluidwering te verbeteren. Dergelijke investeringen lopen snel op in kosten. Een ander veelvoorkomend dilemma is luchtventilatie. Stel, een ruimte is op zich goed geïsoleerd maar toch is er dankzij het luchtbehandelingssysteem standaard een bepaalde hoeveelheid geluid in de ruimte aanwezig. Dat noemen wij de ruisvloer. Het komt vaak voor dat ventilatie te hard zijn best moet doen om lucht te verplaatsen en dat resulteert in zoemende en fluitende geluiden. Hierdoor kan de ruimte niet als ‘stil’ of zelfs niet als prikkelarm worden geclassificeerd. Een dergelijk euvel is in bestaande situaties soms lastig en vaak kostbaar om aan te passen. Wordt er nieuw gebouwd, dan is het niet kostbaar en vrij eenvoudig om vooraf met de eisen van de verschillende belanghebbenden rekening te houden. Zo kan worden voorkomen dat een ventilatiesysteem een prikkelrijk element in een rustruimte is.

Kort gezegd: bij nieuwbouw zijn aanpassingen eerder onderdeel van een alternatieve ontwerp- en bouwwijze. Bij het aanpassen van een bestaande ruimte gaat het al snel om ‘damage control’. Al met al een goede reden om -als het even kan- het geluidsarm maken van een rustruimte te integreren of samen te laten vallen met andere verbouwingen of aanpassingen aan het pand.

Externe bronnen en geluidwering
Er zijn twee type geluidsbronnen te onderscheiden. Namelijk geluiden die van buiten de ruimte binnendringen (externe bronnen), en geluiden die in de ruimte zelf optreden (interne bronnen). Wij brengen deze bronnen per situatie in kaart door metingen, berekeningen en analyses uit te voeren. Dat levert een beheersbare ontwerp- en bouwfase op.

Bij bestaande locaties bepalen we externe bronnen door de situatie te bezoeken op een moment dat ‘het bedrijf’ operationeel is. In het geval van nieuwbouw bepalen we waar de geluidsbronnen zich bevinden op basis van de tekeningen van het gebouw. We letten dan op muziek- en stemgeluid, wegverkeer, regeninslag op het dak enzovoorts. Als het mogelijk is worden geluidsproblemen bij de bron opgelost. En soms zijn er oplossingen te bedenken die voorkomen dat geluid via een zogenaamde overdrachtsweg richting de geluidsarme rustruimte komt. Deze aanpak kost in de ontwerpfase slechts een aantal uren rekenwerk en overleg met alle betrokken partijen. De oplossing is vaak eenvoudig toe te voegen aan de verbouwing. Een investering die zich dubbel en dwars terugbetaalt in de operationele fase.

Interne bronnen en ruimteakoestiek
Een rustruimte prikkelarm krijgen door de juiste geluidswering is één ding. Maar hoe het in een ruimte klinkt, de zogenaamde ruimteakoestiek, is net zo belangrijk. Bronnen zoals mechanische ventilatie, espressomachines en schuivende stoelen zijn voorbeelden van interne geluidsbronnen die een overdaad aan prikkels kunnen veroorzaken. De ruimteakoestiek is dan mede bepalend voor hoe sterk die geluiden te horen zijn en of ze blijven nagalmen. Wanneer dit soort prikkels vanwege een slechte akoestiek keihard bij bezoekers binnenkomen, zijn alle pogingen om een prikkelarme rustruimte in te richten voor niets geweest.

Het spreekt voor zich dat al deze aspecten rondom ruimteakoestiek ook tijdens optredens of voorstellingen in een zaal of openstellingen in tentoonstellingsruimtes van belang zijn. We onderstrepen daarbij het belang om een akoestiek te creëren die fit for purpose is, doelgericht en op maat gemaakt. Pas dan worden prikkels tot een minimum beperkt. Wij doen dit door akoestische rekensoftware te gebruiken waarmee we de situatie van nieuwbouw en bestaande bouw simuleren. De uitkomsten toetsen we dan weer aan de gestelde richtwaarden.

Procesmatig werken
In dit artikel omschreven we vanuit ons vak als geluidsdeskundige al heel wat aandachtspunten die gelden bij het geluidsarm maken van ruimtes. Maar dat zijn alleen nog maar onze vaktechnische belangen. Want ook de opdrachtgever, architect en aannemer hebben zo hun eigen eisenpakket. Dus om een effectieve en betaalbare rustruimte te realiseren is onderling overleg, samenwerking en afstemming over al deze eisen en randvoorwaarden nodig. Kortom: integraal ontwerpen is een absolute must voor een beheersbaar resultaat!

Maar daar houdt het niet op. Deze specifieke manier van denken vraagt ook om een ander bouwproces. Daarbij is een proactief bouwteam van cruciaal belang om de gestelde doelen te behalen. Een team dat samenwerkt om de technische, visuele en budgettaire eisen van een project te bewaken en maximaal rendement haalt uit de investering. Een team dat vragen durft te stellen aan elkaar en elkaar durft uit te dagen om creatieve oplossingen te bedenken. Dit zijn de ingrediënten voor een beheersbaar resultaat. Daar staan wij voor en dat maakt dat we zo veel plezier in ons werk hebben en iedere uitdaging graag aangaan!

Meer over de auteurs
Jan Bril is akoestisch ontwerper bij Auditum (www.auditum.nl). Hij is betrokken bij de grotere ontwerp- en vraagstukken van kerken, overheden en bedrijven. Jan ontwerpt vanuit een integrale visie met architecten en opdrachtgevers in onder andere Nederland, Duitsland en Zwitserland. In het akoestisch Experience Centre in Harderwijk neemt Jan zijn klanten mee in de stand der techniek binnen de akoestiek. Een auditorium met een virtuele akoestiek, beleef verschillende akoestische situaties in één ruimte.

Mark van Exter is akoestiek specialist bij TeamGeluid (www.teamgeluid.nl), een ingenieursbureau voor metingen en berekeningen aan geluid. Bij bouwprojecten waar muziek en spraak voor problemen zorgen, voelt Mark zich op zijn gemak. TeamGeluid helpt opdrachtgevers bij de akoestische onderbouwing en het ontwerp van ruimtes waar geluid een essentieel onderdeel is van de exploitatie.

Meer weten over het ontwerpen van akoestisch geoptimaliseerde ruimten? Jan en Mark werken dagelijks aan het ontwerp en de uitvoering van akoestiek in kerken, studio’s en bedrijfspanden waar muziek en spraak optimaal moeten klinken.

De auteurs live horen?
Kom naar het symposium van Onbeperkt Genieten

Meer weten over het ontwerpen van een rustruimte, over stilte en geluid of hoe je kunt luisteren als een geluidsadviseur? Kom dan op maandag 17 juni aanstaande naar de workshop van Jan Bril en Mark van Exter tijdens het Symposium Prikkelarm Cultuuraanbod Stichting Onbeperkt Genieten in Singer Laren.

Datum: 15 Mei 2024